Peter van Veelen – kennis liaison – vertelt

Alle nieuwsberichten

Peter van Veelen (net 43) heeft zijn hart verpand aan deltalandschappen. Om in coronatijd aan het thuiszitten te ontsnappen, neemt hij zijn gezin mee naar een mini-waddenlandschap. Een geheime plek middenin een natuurgebied. Ja, zo is Peter.

Wat is jouw beroep?

Goeie vraag. Ik ben nog steeds aan het zoeken naar hoe ik mezelf moet noemen. Oorspronkelijk ben ik landschapsarchitect. Ik heb in Wageningen gestudeerd. Die studie trok me aan vanwege de breedte. Je leert er over bodem, water en ook over het gebruik daarvan. Daarnaast is Wageningen activistisch, zeker toen. Dat vond ik ook interessant.

Oorspronkelijk landschapsarchitect. Wat doe je nu dan voor werk?

Ik verbind kennis uit de wetenschap aan de dagelijkse praktijk. Dat zie ik als middel om het doel te bereiken, namelijk écht verandering brengen: een oplossing vinden voor de opgaven van delta’s zoals klimaatverandering, droogte, veel warmte en weinig water.

Je bent geboren in Rotterdam. Hoe raakt een stadsjongen zo gefascineerd door landschappen?

Inmiddels is dat meer een fascinatie voor één speciaal type landschap, delta’s. Dat zijn complexe landschappen, gevormd door de zee en de rivieren, door zand en slib en alles wat zich daar vestigt. Daar kan je alleen goed mee omgaan als je alle processen goed begrijpt en er ook respect voor hebt. Ook in mijn vrije tijd trekken die landschappen me enorm.

Zoals?

De Waddenzee met de eilanden, prachtig. Ik kom net bij de Kwade Hoek in de duinen van Goeree bij Goedereede vandaan. Daar was ik in een klein natuurgebied met diezelfde eigenschappen. Dat zijn plekken waar ik graag ben.

Je bent wel wat van je oorspronkelijke vak weggedreven. Hoe kwam dat zo?

Na mijn studie heb ik lange tijd als stedenbouwkundige planoloog bij de gemeente Rotterdam gewerkt. Dat was een van de eerste steden die met het klimaatadaptatievraagstuk van start ging. Ik raakte daarbij betrokken en werkte veel samen met ingenieursbureaus en kennisinstellingen als TU Delft en Deltares. Op een gegeven moment ben ik -parttime- gaan promoveren. Daarna heb ik een aantal jaren als een soort verbindingsofficier op de TU gewerkt aan een samenwerkingsprogramma tussen de faculteiten bouwkunde, civiele techniek en bestuurskunde om te zorgen dat er projecten gingen ontstaan. Na twee jaar liep dat contract af en ben ik voor mezelf begonnen.

Waar ging je onderzoek over?

Hoe kun je havensteden aanpassen aan de stijgende zeespiegel en dan zo dat je daarbij gebruik maakt van de ontwikkelingen van het waterfront. Als je toch gaat bouwen hoe kan je dan op een slimme manier het gebied waterbestendig maken. Rotterdam en New York heb ik toen als casus genomen. Dat was een mooie tijd. Lekker door New York struinen.

Bij welke projecten ben je nu betrokken?

Voor Delta Platform zijn dat Living Lab Schouwen Duiveland en de Multifunctionele Waterkeringlandschappen van de Oosterschelde. Daarnaast loopt er een project over duurzaam sedimentbeheer. Dat heb ik zelf geïnitieerd, samen met het Wereld Natuurfonds. Hoe kan je het sediment dat gebaggerd wordt uit de havens, vasthouden en toepassen in de delta zelf. Nu wordt het sediment naar zee gevaren en daar gestort. We zijn het kwijt. Aan de andere kant hebben natuurorganisaties en Rijkswaterstaat slib en zand nodig dat door erosie uit de natuurgebieden en rivierbeddingen is verdwenen. Dat moet dan weer uit zee gehaald worden. Eigenlijk moeten we naar een gesloten sedimentkringloop. Qua logistiek en wetgeving ingewikkeld. Na lange tijd is het nu zo ver dat partijen dit samen oppakken en een voorstel willen indienen voor subsidie.

Welk project vind je het leukst?

Dat is zoiets als kiezen tussen je kinderen. Dat is onmogelijk!

Kan je één voorbeeld geven van hoe je zo’n project aanvliegt?

Ja hoor. Mijn rol is dat ik vanuit de inhoud de ambitie goed begrijp en die weet te verwoorden. Vervolgens haal ik de partijen erbij die een belang hebben. Bij Living Lab Schouwen-Duiveland bijvoorbeeld ben ik kennismakelaar tussen living lab en de betrokken kennisinstellingen. Toen ik bij het project betrokken werd, merkte ik dat er behoefte was aan praktisch organisatietalent. Het voorwerk was gedaan, maar er moest doorgepakt worden. Nu werken we aan twee thema’s: duurzame zoetwater beschikbaarheid voor het eiland en aquacultuur. Na jaren van voorbereiding door de partners zit er echt beweging in. Voor zoetwater is nu vanuit LNV en Europa 4,5 miljoen beschikbaar voor uitvoering. Met dat geld kunnen we echt gaan uitvoeren en onderzoek doen. Daar gaan de Schouwen-Duivelanders de komende jaren zeker wat van merken. Fantastisch!

Dat klinkt enthousiast!

Ja, dit gaat echt ergens over. Droogte is een maatschappelijk probleem. Boeren zijn ondernemers. Ze hebben het zwaar en voelen goed aan dat het anders moet. De urgentie is groot. We moeten de problemen die er liggen nu dus aanpakken, met in het achterhoofd de integrale vraagstukken als transitie naar circulariteit, verduurzaming van energie en andere zaken. Lastig is dat we nu nog met systemen te maken hebben waarbij iedereen zijn eigen ding doet: waterschappen, overheden, natuurorganisaties, boeren, andere partijen. Met deze aanpak zie je dat iedereen elkaar nodig heeft. Er moeten nieuwe afspraken komen. Zo’n project is niet alleen een technisch vraagstuk, maar het gaat vooral ook over samenwerken.

Hoe krijg je partijen zo ver?

Zoals ik werk is naar mijn mening de aanpak voor de toekomst. Net als Delta Platform geloof ik daar sterk in. De vraagstukken waarmee we te maken krijgen, zijn heel complex. Die kunnen alleen worden opgelost in samenwerking met heel veel verschillende partijen. Dus heb je mensen nodig die neutraal tussen de partijen in staan, zonder eigen agenda. Die inhoudelijk begrijpen wat de transitie betekent, die processen kunnen aanjagen en die een drive hebben om de vraag op te lossen. Je moet mensen hebben die opgeleid zijn om in dit soort processen te kunnen opereren. Daarnaast blijf je natuurlijk ook gewoon een civiel ingenieur nodig hebben om dijken te bouwen en een ecoloog om schorren te herstellen.

Welke uitdaging zie je?

Mensen vinden die hier ook mee bezig zijn. Die én inhoudelijke én procesmatige kwaliteiten bezitten. En die een drive hebben om samen zaken aan te pakken.

Waar komt die drive bij jou vandaan?

Ik vind gewoon dat het moet! Als het verhaal goed is en iedereen geeft je gelijk, zegt dat het klopt en we krijgen het toch maar niet voor elkaar. Dan komt dat duurzaamheidsgevoel van mij tevoorschijn. Dat is voor mij de drijfveer om het tóch voor elkaar te krijgen.

Wat doe je in je vrije tijd?

Ik lees veel. Verder doe ik wat aan sport. Ook probeer ik wel eens te zeilen, maar dat schiet er nogal eens bij in. En met drie kleine kinderen thuis blijft er niet veel vrije tijd over.

Heb je een leestip voor ons?

De boeken van Robert Macfarlane. Hij verkent de relatie landschap-mens. Als je zijn boeken leest, wandel je met hem mee. Nu ben ik bezig met oude routes door Engeland en Schotland waarbij hij ontmoetingen heeft en filosofische gesprekken voert. Heerlijk om te lezen.